Wat moet ik doen als de SDS-informatie over CMR-stoffen onjuist of onvolledig is?
Kort antwoord
Gebruik een SDS niet blind als u ziet dat de informatie over CMR-stoffen onjuist of onvolledig is. Leg de afwijking vast, vraag een gecorrigeerd veiligheidsinformatieblad op bij de leverancier en beoordeel tijdelijk op basis van de meest veilige, aantoonbare stofinformatie die u wél heeft.
Praktische consequentie voor de gebruiker
Let op: dit hangt af van stof, hoeveelheid, verpakking, opslaglocatie en of het om opslag of vervoer gaat.
- Doe in de praktijk het volgende
- **Blokkeer de beoordeling niet, maar markeer de stof als “onduidelijk”.**
- Noteer welke informatie ontbreekt of tegenstrijdig is, bijvoorbeeld CMR-classificatie, CLP-indeling, UN-nummer, ADR-klasse, stofnaam of samenstelling.
- **Vraag de leverancier om correctie.**
- Vraag expliciet om een actueel en volledig SDS/MSDS met juiste CMR-/CLP-informatie.
- **Controleer de eigen registratie.**
- Leg minimaal vast: stofnaam, chemische naam, UN-nummer, ADR-klasse, hoeveelheid, verpakking, opslaglocatie, manier van opslaan en of de stof als CMR-/CLP-stof moet worden behandeld.
- **Hanteer tijdelijk een voorzichtige aanpak.**
- Als niet zeker is of de stof CMR is, behandel de stof organisatorisch alsof aanvullende gevaren aanwezig kunnen zijn, totdat de classificatie is opgehelderd.
- **Controleer etiketten en verpakking bij ontvangst en periodiek.**
- PGS 15 noemt controle op juiste en leesbare gevaarsetiketten, beschadiging en lekkage als onderdeel van de opslagcontrole.
- **Werk instructies en noodinformatie bij zodra de juiste gegevens bekend zijn.**
- Medewerkers moeten weten welke gevaren de opgeslagen stoffen hebben en welke maatregelen gelden bij afwijkingen, lekkage of calamiteiten.
Toelichting
Volgens PGS 15 moet bij opslag van verpakte gevaarlijke stoffen en CMR-/CLP-stoffen voldoende informatie beschikbaar zijn om veilig te kunnen opslaan, controleren en optreden bij incidenten. De opgehaalde PGS 15-bron noemt onder meer dat personeel op de hoogte moet zijn van de aard en gevaarsaspecten van de opgeslagen stoffen en van maatregelen bij onregelmatigheden.
PGS 15 beschrijft ook dat verpakte gevaarlijke stoffen en CMR-/CLP-stoffen bij ontvangst en periodiek worden gecontroleerd op juiste en leesbare gevaarsetiketten, beschadiging en lekkage. De wijze van controleren en het registreren van afwijkingen moeten in een procedure zijn vastgelegd.
Voor hulpdiensten moet bij grotere of relevante situaties uitgebreide stofinformatie beschikbaar kunnen zijn, waaronder vervoersnaam, chemische stofnaam, ADR-klasse, UN-nummer, actuele hoeveelheid, CMR-/CLP-vermelding en het veiligheidsinformatieblad/MSDS. Als het SDS onvolledig is, is dat dus niet alleen een administratief probleem: het raakt ook instructie, incidentbestrijding en de betrouwbaarheid van uw stoffenregistratie.
Bij lekkage of incidenten moet een actuele instructie aanwezig zijn met de te nemen maatregelen. Als de SDS-informatie nog niet klopt, moet u de tijdelijke werkwijze en voorzorgsmaatregelen daarom intern duidelijk vastleggen totdat de juiste stofinformatie beschikbaar is.
Modaliteits- of scope-opmerking
Deze beantwoording gaat uit van **opslag** van verpakte gevaarlijke stoffen en CMR-/CLP-stoffen. Bij **wegvervoer** moet u daarnaast de ADR-gegevens controleren, zoals UN-nummer, vervoersnaam, klasse, verpakkingsgroep, etikettering en vervoersdocument.
Citaat
"de aard en de gevaarsaspecten van de opgeslagen stoffen" "worden bij ontvangst en periodiek gecontroleerd op juiste en leesbare gevaarsetiketten" "de CMR-/CLP-stoffen met hun chemische naam en de vermelding ‘CMR/CLP’"