Hoe beoordeel je of werknemers kunnen worden blootgesteld aan CMR-stoffen bij opslag of gebruik?
Kort antwoord
Beoordeel dit via de RI&E: inventariseer welke CMR-stoffen aanwezig zijn en bepaal bij welke werkzaamheden werknemers ermee in contact kunnen komen. Kijk niet alleen naar normaal gebruik, maar ook naar lekkage, morsen, openen van verpakkingen en incidenten. Voor CMR-stoffen gelden arboregels ook bij kleine hoeveelheden.
Praktische consequentie voor de gebruiker
Let op: bij opslag in gesloten, onbeschadigde verpakkingen kan blootstelling tijdens normaal bedrijf beperkt zijn, maar je moet nog steeds beoordelen wat er gebeurt bij lekkage, schade of werkzaamheden waarbij de verpakking wordt geopend.
- Pak de beoordeling praktisch zo aan
- **Maak een stoffenoverzicht** met stofnaam, CLP-classificatie, H-zinnen, hoeveelheid, verpakking, opslaglocatie en gebruikssituatie.
- **Herken CMR-stoffen** aan de CLP-informatie, vooral H340, H350 en/of H360 en het gezondheidsgevaarpictogram.
- **Bepaal waar blootstelling kan ontstaan**, bijvoorbeeld bij
- openen of overgieten;
- doseren of mengen;
- beschadigde verpakking;
- lekkage of morsen;
- schoonmaak na incidenten;
- afvalverzameling;
- intern transport.
- **Leg in de RI&E vast** in welke mate werknemers worden of kunnen worden blootgesteld.
- **Controleer of vervanging mogelijk is** door een minder gevaarlijke stof.
- **Beperk blootstelling zo veel mogelijk**, ook als onder een grenswaarde wordt gebleven.
- **Houd bij welke werknemers worden of kunnen worden blootgesteld** aan kankerverwekkende of mutagene stoffen.
- Voor **reprotoxische stoffen**: leg ook hoeveelheden, aantal betrokken werknemers en de manier van werken met de stof vast.
Toelichting
Volgens PGS 15 zijn voor situaties waarin werknemers worden of kunnen worden blootgesteld aan kankerverwekkende, mutagene of reprotoxische stoffen aanvullende arboregels van toepassing. PGS 15 noemt daarbij onder meer vervanging waar mogelijk, het zoveel mogelijk beperken van blootstelling en het bijhouden van een lijst van werknemers die worden of kunnen worden blootgesteld aan kankerverwekkende of mutagene stoffen. De beoordeling van de blootstelling moet in de RI&E zijn uitgewerkt.
PGS 15 maakt ook duidelijk dat deze verplichtingen niet pas beginnen boven opslagondergrenzen. Voor kankerverwekkende en mutagene stoffen gelden ze voor alle hoeveelheden; voor reprotoxische stoffen gelden aanvullende registratieverplichtingen over hoeveelheden, aantal werknemers en de wijze waarop met de stof wordt gewerkt.
Bij opslag moet je vooral beoordelen of stoffen uit de verpakking kunnen vrijkomen. PGS 15 beschrijft als relevant scenario het vrijkomen van een gevaarlijke stof uit de verpakking, met mogelijke blootstelling aan CMR-/CLP-stoffen en gezondheidsschade voor medewerkers. Ook verspreiding van damp, gas of vloeistof na vrijkomen is een scenario dat in de beoordeling moet worden meegenomen.
Modaliteits- of scope-opmerking
Deze vraag gaat vooral over **arbeidsveiligheid bij opslag of gebruik**. PGS 15 helpt bij opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, maar de beoordeling van blootstelling aan CMR-stoffen hoort in de **RI&E op grond van de arboregels**.
Citaat
"In de RI&E moet een beoordeling van de mate waarin werknemers worden blootgesteld aan deze stoffen zijn uitgewerkt." "het zoveel mogelijk beperken van de blootstelling aan de stoffen" "blootstelling aan/contact met CMR-/CLP-stoffen, blootstelling en gezondheidsschade voor medewerker."