Welke eisen gelden voor giftige stoffen van ADR-klasse 6.1?
Kort antwoord
Voor wegvervoer gelden de ADR-regels: giftige stoffen (klasse 6.1) moeten worden ingedeeld, verpakt, gemarkeerd en geëtiketteerd volgens hun UN‑nummer en verpakkingsgroep. Op colli hoort gevarenetiket 6.1; extra etiketten zijn nodig als er een bijkomend gevaar is (bijv. brandbaar). Controleer per UN‑invoer de verpakkingsinstructies, eventuele bijzondere bepalingen, beperkte/vrijgestelde hoeveelheden en tunnelbeperkingen; uitzonderingen en aanvullende eisen kunnen gelden.
Praktische consequentie
- Inventariseer per stof: stofnaam, UN‑nummer, juiste vervoersnaam, classificatiecode (T/TF/TC/etc.), ADR‑klasse 6.1 en verpakkingsgroep (I/II/III), hoeveelheid en verpakking.
- Zoek de UN‑invoer op in ADR tabel A en bepaal
- Verpakkingsinstructie(s) (bijv. P001/P002), IBC/LP-toelating en eventuele bulk/tankcodes.
- Etiketten: altijd 6.1; voeg nevengevaren toe indien aangegeven (bijv. +3 voor brandbaar).
- Bijzondere bepalingen (SP’s), laad-/loscondities (CV/S‑codes) en of beperkte/vrijgestelde hoeveelheden zijn toegestaan.
- Vervoerscategorie en tunnelcode om routebeperkingen te beoordelen.
- Pas verpakking en markering/etikettering van elk collo hierop aan en leg de gemaakte keuzes vast in je zendingdossier.
- Let op bij tanks of bulk: toets de tankcode en aanvullende vervoersvoorwaarden per UN‑invoer.
Toelichting
- Volgens ADR worden klasse 6.1‑stoffen ingedeeld op basis van acute toxiciteit en vervolgens in verpakkingsgroepen I–III; dit bepaalt de strengte van de eisen en welke UN‑invoer/tabelregels gelden.
- ADR onderscheidt binnen 6.1 verschillende classificatiecodes (T, TF, TC, TO, TW, enz.) om aan te geven of er bijkomende gevaren zijn (bijv. brandbaar of bijtend). Dat vertaalt zich in extra eisen zoals extra etiketten en soms andere verpakking of stuwage.
- In tabel A bij de betreffende UN‑invoer staan per stof o.a. verpakkingsinstructies, etiketten die moeten worden aangebracht, regels voor beperkte/vrijgestelde hoeveelheden, laad-/loscondities, en eventuele tank/bulk‑codes. Voorbeeldregels tonen dat klasse 6.1‑colli etiket “6.1” dragen en dat bij nevengevaar ook dat etiket wordt toegevoegd (bijv. “6.1+3” bij brandbare, giftige vloeistoffen).
- Voor routeplanning kan de tunnelcode beperken wat door bepaalde tunnels mag. ADR geeft hiervoor per combinatie (o.a. bij PG I en vervoer in tanks) expliciet beperkingen; toets dit per UN‑invoer en vervoerwijze.
Citaat
Citaat 1: “De titel van klasse 6.1 omvat stoffen… die… de gezondheid… kunnen schaden of de dood kunnen veroorzaken.” Bestand: ADR 2025.pdf
Citaat 2: “moeten… worden ingedeeld in… verpakkingsgroep I… II… III.” Bestand: ADR 2025.pdf
Citaat 3: “Verpakkingsinstructies… Etiketten… Gelimiteerde en vrijgestelde hoeveelheden… (Code voor beperkingen in tunnels)” Bestand: ADR 2025.pdf