Welke richtlijnen gelden specifiek voor Opslag van zelfontbrandbare stoffen volgens PGS 15?

Kort antwoord

Dozen, vaten of IBC’s met zelfontbrandbare stoffen (ADR-klasse 4.2) kunnen binnen de werkingssfeer van PGS 15 vallen voor opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Volgens PGS 15 bepaal je eerst het veiligheidsniveau op basis van stofeigenschappen en hoeveelheid, en regel je waar nodig gescheiden opslag van andere klassen. Let op: bij combinaties met bijvoorbeeld brandbare vloeistoffen kunnen aanvullende eisen gelden voor scheiding en indeling.

Praktische consequentie

  • Inventariseer per stof: naam, UN-nummer, ADR-klasse (hier: 4.2), verpakkingsgroep (VG I/II/III), hoeveelheid en verpakking (doos, vat, IBC).
  • Toets of dit onder PGS 15 valt en bepaal het veiligheidsniveau met de PGS 15-risicobenadering (eigenschappen x hoeveelheid).
  • Controleer of vakindeling en stoffenscheiding nodig zijn; leg vast hoe je 4.2-stoffen gescheiden houdt van onverenigbare stoffen (bijv. via aparte vakken, afstand, lekbakken of apart compartiment).
  • Let bij combinaties met brandbare vloeistoffen (ADR-klasse 3) op extra eisen voor opslagindeling en scheiding; dit kan betekenen: aparte vakken en zwaarder veiligheidsniveau.
  • Leg in je UPD/veiligheidsplan vast: gekozen veiligheidsniveau, vakindeling/compartimentering, opvang en noodmaatregelen; stem dit af met bevoegd gezag/veiligheidsregio waar vereist.

Toelichting

  • Volgens PGS 15 worden zelfontbrandbare stoffen als “voor zelfontbranding vatbare stoffen (ADR-klasse 4.2)” expliciet genoemd binnen de beschrijving van gevaren voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Dit bevestigt de toepasselijkheid van PGS 15 op deze categorie wanneer het om verpakte opslag gaat.
  • PGS 15 werkt met veiligheidsniveaus: een opslagvoorziening krijgt een veiligheidsniveau afhankelijk van de stofeigenschappen en de aanwezige hoeveelheid. Dat bepaalt of je naast het basisveiligheidsniveau aanvullende maatregelen moet nemen, zoals vakindeling, compartimentering en blusvoorzieningen.
  • Voor ADR-klassen 4.1, 4.2 en 4.3 zijn specifieke samenopslag- en scheidingsmaatregelen uitgewerkt. Zo schrijft PGS 15 bij opslag van ADR-klasse 4.2 VG III in combinatie met ADR-klasse 3 VG III, boven een bepaalde totale hoeveelheid, een hoger veiligheidsniveau en gescheiden opslag in vakken voor. Dit is een typische situatie waarin 4.2-stoffen extra indeling en scheiding vragen naast het basispakket aan maatregelen.
  • PGS 15 beschrijft tevens praktische manieren om scheiding te realiseren: aparte vakken, afstanden, tussenliggende toegestane stoffen over een bandbreedte, aparte lekbakken of zelfs aparte brandcompartimenten waar vakken niet haalbaar zijn. Dit helpt inrichten of herinrichten van je magazijn wanneer 4.2-stoffen samen met andere klassen aanwezig zijn.

Citaat

Citaat 1: “Voor zelfontbranding vatbare stoffen (ADR-klasse 4.2)” Bestand: PGS 15_2025 versie 1.1 (april 2026).pdf
Citaat 2: “Een opslagvoorziening heeft een veiligheidsniveau volgens Tabel 6.” Bestand: PGS 15_2025 versie 1.1 (april 2026).pdf
Citaat 3: “ADR-klasse 4.2 VG III … en ADR-klasse 3 VG III … apart moeten worden opgeslagen” Bestand: PGS 15_2025 versie 1.1 (april 2026).pdf

Grip op gevaarlijke stoffen in jouw organisatie?

  • Altijd actueel volgens wet- en regelgeving
  • Risico's beheersen en veilig werken
  • Eenvoudig voorraad beheren
Maak direct een Stoffenjournaal

PGS 15 assistent

online

Ik help je graag met PGS 15 en ADR vragen.

Deze antwoorden worden automatisch gegenereerd en kunnen onjuistheden bevatten. Raadpleeg altijd een specialist om te zorgen dat u voldoet aan de specifieke richtlijnen en wettelijke vereisten.