VG I
Verpakkingsgroep — hoog gevaar
Voor deze stof geldt één verpakkingsgroep.
UN 3389 is het UN-nummer voor BIJ INADEMEN GIFTIGE VLOEISTOF, BIJTEND, N.E.G., met een LC50 van ten hoogste 200 ml/m3 en een verzadigde dampconcentratie van ten minste 500 LC50. Deze stof valt onder ADR-klasse 6.1.
Aanvullende voorschriften voor verpakking, vervoer en tanktransport. Controleer altijd het actuele VIB/SDS en de officiële ADR-voorschriften.
Met welke gevaarsetiketten UN 3389 samen vervoerd mag worden.
Etiket 6.1 · 8
Deze UN-pagina bundelt 2 ADR-vermeldingen (varianten) voor UN 3389.
Eén UN-nummer kan meerdere officiële vervoersbenamingen hebben.
| # | Stof / ADR-benaming | EN-benaming | Klasse | Classificatie code |
Verpakk. groep | GI | Tunnel code |
Transport cat. |
Technische verschillen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1 | BIJ INADEMEN GIFTIGE VLOEISTOF, BIJTEND, N.E.G., met een LC50 van ten hoogste 200 ml/m3 en een verzadigde dampconcentratie van ten minste 500 LC50 | TOXIC BY INHALATION LIQUID, CORROSIVE, N.O.S. with an LC50 lower than or equal to 200 ml/m³ and saturated vapour concentration greater than or equal to 500 LC50 | 6.1 | TC1 | I | 668 | C/D | 1 | Alleen benaming verschilt; technische ADR-velden zijn gelijk. |
| 2 | BIJ INADEMEN GIFTIGE VLOEISTOF, BIJTEND, N.E.G., met een LC50 van ten hoogste 200 ml/m3 en een verzadigde dampconcentratie van ten minste 500 LC50 | TOXIC BY INHALATION LIQUID, CORROSIVE, N.O.S. with an LC50 lower than or equal to 200 ml/m³ and saturated vapour concentration greater than or equal to 500 LC50 | 6.1 | TC3 | I | 668 | C/D | 1 | classificatie |
'Tabel 2 – Ondergrenzen Alle ADR-klassen I 1 kg'
De opslag moet dan voldoen aan de PGS 15-eisen voor onder andere de opslagvoorziening, brandveiligheid en opvang.
De exacte eisen hangen af van de totale hoeveelheid, de gevaareigenschappen en de opslagvoorziening. Bij 1 kg of minder valt de opslag buiten de werkingssfeer van PGS 15; andere voorschriften kunnen wel van toepassing zijn.
Let op: Voor stoffen met een bijkomend gevaar moet ook het bijkomend gevaar worden beoordeeld; voor de desbetreffende stof geldt de laagste grenswaarde.
Tip: met Stoffenjournaal.nl beheert u uw stoffenregister en ziet u direct welke PGS 15-eisen op uw opslag van toepassing zijn.
'A Stoffen van ADR-klasse 6.1, verpakkingsgroep I of stoffen van ADR-klasse 8, verpakkingsgroep I, met aanvullend etiket modelnummer 6.1, moeten in een apart brandcompartiment'
Tabel 9: uitleg over scheidingsniveaus
Toelichting: Geldt voor stoffen van ADR-klasse 6.1, verpakkingsgroep I, of ADR-klasse 8, verpakkingsgroep I, met aanvullend etiket modelnummer 6.1, voor de met A aangeduide situaties in Tabel 9.
Voor deze stof gebruiken we in PGS 15 Tabel 9 de categorie ADR 6.1, verpakkingsgroep I.
Uitgangspunt: ADR 6.1verpakkingsgroep I
Samen opslaan met
| Maatregel | Samen met | Praktische betekenis |
|---|---|---|
| Apart brandcompartiment |
Sla deze combinatie op in een apart brandcompartiment.
|
|
| Geen extra scheiding |
Deze combinatie vraagt volgens deze scheidingstabel geen extra scheiding. De overige PGS 15-maatregelen blijven gelden.
|
Sla deze combinatie op in een apart brandcompartiment.
Deze combinatie vraagt volgens deze scheidingstabel geen extra scheiding. De overige PGS 15-maatregelen blijven gelden.
Leg voorraad en locaties vast en controleer welke stoffen gescheiden moeten worden opgeslagen.
Deze pagina combineert gegevens uit meerdere betrouwbare databronnen.
Gebruikte databronnen