1 stof met UN 2996
Dit is de gerelateerde chemische identiteit in onze database voor UN 2996. De toepasselijke transportclassificatie hangt af van productsamenstelling, concentratie en toevoegingen (zie rubriek 14 van het VIB/SDS).
Bekijk de gegevens voor de geselecteerde verpakkingsgroep en vervoersindeling.
UN 2996 is het UN-nummer voor PESTICIDE, ORGANISCHE CHLOORVERBINDING, VLOEIBAAR, GIFTIG.
De getoonde vervoersindeling valt onder ADR-klasse 6.1.
Verpakkingsgroep geeft de gevaargraad binnen dezelfde ADR-klasse aan: I = hoog, II = middel, III = lager.
Deze keuze stuurt de inhoud van Wegtransport (ADR) en Opslag (PGS 15).
Voor deze pagina gebruiken we VG I. Je vindt de verpakkingsgroep ook in Wegtransport (ADR) bij ‘Belangrijkste transportgegevens’ en in je VIB/SDS (rubriek 14).
Let op: je kunt de verpakkingsgroep meestal niet betrouwbaar aflezen van alleen de verpakking of het gevarenetiket.
Gebruik deze pagina als hulpmiddel en controleer altijd het actuele VIB/SDS.
Controleer vóór vervoer in deze volgorde: vergelijk rubriek 14 van het actuele VIB/SDS met de transportgegevens hierboven; open daarna ADR 2025, hoofdstuk 3.2, Tabel A en controleer de hieronder genoemde codes in de bijbehorende ADR-hoofdstukken. Los verschillen op vóór u de zending aanbiedt; laat dit zo nodig beoordelen door uw veiligheidsadviseur vervoer gevaarlijke stoffen.
Met welke gevaarsetiketten UN 2996 samen vervoerd mag worden.
Etiket 6.1
Deze uitleg gebruikt PGS 15:2021 versie 1.0. Als PGS 15 voor uw opslag geldt, is 2021 de standaardversie. Uw vergunning of een apart overheidsbesluit kan andere of aanvullende opslagregels bevatten. Controleer daarom de voorschriften in uw omgevingsvergunning en eventuele maatwerkbesluiten. Gaat u de opslag starten of wijzigen, doe dan de Vergunningcheck voor “Gevaarlijke stoffen opslaan in verpakking of gasflessen”; het resultaat toont ook de contactgegevens van de betrokken overheid. Open de Vergunningcheck Bekijk PGS 15:2021 versie 1.0
PGS 15 · ADR-route
UN 2996 · klasse 6.1 · verpakkingsgroep I · code T6
Let op (LQ/EQ-verpakkingen): Is UN 2996 verpakt als vrijgestelde hoeveelheid (EQ, hier E5) en opgeslagen in de transportverpakking, dan geldt een aanvullende vrijstelling tot 2 kg. Deze verdubbeling is alleen een PGS 15-vrijstelling; de meld- en vergunningsdrempels uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) blijven onverkort gelden. “Deze vrijstelling geldt alleen als de stoffen in de transportverpakking zijn opgeslagen. Deze vrijstelling geldt niet voor de ondergrens van 30 kg voor stoffen van ADR-klasse 5.2.” Of een verpakking als LQ of EQ geldt, volgt uit ADR tabel A (kolommen 7a en 7b) en de werkelijke verpakking; voor deze vermelding is EQ (hier E5) toegestaan. Controleer dit per product.
PGS 15: de ondergrens van 1 kg is een PGS 15-drempel volgens PGS 15:2021 v1.0. Voorwaarden: “Voor stoffen met een bijkomend gevaar moet ook het bijkomend gevaar worden beoordeeld; voor de stof geldt de laagste grenswaarde.”
De grens wordt beoordeeld binnen de totale opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Andere aanwezige stoffen, bijkomende gevaren of een andere toepassingsroute kunnen ertoe leiden dat PGS 15 toch geldt; andere voorschriften kunnen eveneens van toepassing zijn.
Bal art. 4.1012 kent specifieke uitzonderingen op de verplichting om aan PGS 15 te voldoen; voor ruimten voor verkoop aan particulieren bevat art. 4.1013 aanvullende uitzonderingen. Deze uitzonderingen heffen een eventuele meld- of vergunningplicht niet automatisch op.
Een bestaande omgevingsvergunning of een maatwerkvoorschrift kan afwijkende eisen stellen; controleer altijd de voorschriften in uw eigen vergunning.
De regels gebruiken verschillende optelniveaus: sommige grenzen gelden voor de totale activiteit en vergunningsgrenzen per opslagplaats. Volg daarom bij iedere grens het genoemde optelniveau.
Bronnen: PGS 15:2021 v1.0 (aangewezen versie) · Bal, afdeling 3.2, paragraaf 3.2.9 (opslaan van gevaarlijke stoffen) · Bal, paragraaf 4.98 (meldplicht) · IPLO: opslaan van gevaarlijke stoffen (Bal) · IPLO: toepassingsbereik van de meldplicht · Omgevingsloket
Uitzondering
“b Stoffen van ADR-klasse 6.1, verpakkingsgroep I, of stoffen van ADR-klasse 8, verpakkingsgroep I, met aanvullend etiket modelnr. 6.1, moeten in een apart brandcompartiment of een apart deel van een brandcompartiment (aan drie zijden afgescheiden met een muur met een brandwerendheid van ten minste 30 min) of met een 5 m vrije zone worden opgeslagen.”
Toelichting: Geldt voor stoffen van ADR-klasse 6.1, verpakkingsgroep I, of ADR-klasse 8, verpakkingsgroep I, met aanvullend etiket modelnr. 6.1, voor de met b aangeduide situaties in tabel E.1.
In bijlage II van de Omgevingsregeling staat welke PGS-versie wettelijk is aangewezen. Controleer daarnaast uw vergunning en eventuele overgangsregels om te bepalen welke voorschriften voor uw situatie gelden.
Voor deze stof gebruiken we in PGS 15 bijlage E.2, tabel E.1 de categorie ADR 6.1, verpakkingsgroep I.
Uitgangspunt: ADR 6.1verpakkingsgroep I
Samen opslaan met
| Maatregel | Samen met | Praktische betekenis |
|---|---|---|
| Apart brandcompartiment |
Sla deze combinatie op in een apart brandcompartiment, in een aan drie zijden 30 minuten brandwerend afgescheiden deel of met een vrije zone van 5 m. Zie de toelichting voor de uitzondering voor aparte vakken.
Voetnoot b (tabel E.1): deze stof (ADR-klasse 6.1, verpakkingsgroep I) moet in een apart brandcompartiment, in een aan drie zijden 30 minuten brandwerend afgescheiden deel of met een vrije zone van 5 m worden opgeslagen. Opslag in aparte vakken is toegestaan bij een stapelhoogte tot 1,80 m in UN-goedgekeurde verpakking en een duidelijk gekenmerkt vak.
|
|
| Geen extra scheiding |
Deze combinatie vraagt volgens deze scheidingstabel geen extra scheiding. De overige PGS 15-maatregelen blijven gelden.
|
Praktische invulling van de scheidingsmaatregelen: PGS 15:2021, bijlage E.2 en E.3
Leg voorraad en locaties vast en controleer welke stoffen gescheiden moeten worden opgeslagen.
Deze pagina combineert gegevens uit meerdere betrouwbare databronnen.
Gebruikte databronnen